Ontdek de Vereniging
van de Adel van het
Koninkrijk België
ANRB - VAKB
In het nieuws
KidsUnplugged Belgium: voor minder geconnecteerde kinderen
Virginie de Troostembergh behaalde een diploma in de economische wetenschappen, een master in internationale betrekkingen en een aggregaat voor het secundair onderwijs. Na een loopbaan in consultancy en projectmanagement gaf ze ook les in het secundair onderwijs, waar ze rechtstreeks werd geconfronteerd met de veranderingen in de aandachtsspanne en het digitale gebruik bij jongeren.Als moeder van vier kinderen raakte ze geleidelijk aan steeds meer geïnteresseerd in de steeds vroegere introductie van smartphones en sociale media in de kindertijd. Vandaag volgt ze een opleiding in familiale, sociale, burgerlijke en commerciële bemiddeling en coördineert ze op vrijwillige basis de Franstalige ontwikkeling van KidsUnplugged Belgium.1. Hoe is KidsUnplugged ontstaan?KidsUnplugged is ontstaan vanuit een eenvoudige vaststelling: veel ouders maakten zich zorgen over de steeds grotere plaats die smartphones en sociale media innemen in het leven van kinderen, maar hadden tegelijk het gevoel dat het bijzonder moeilijk was om daar alleen iets aan te veranderen.Tussen 10 en 12 jaar neemt de sociale druk geleidelijk toe. Zelfs ouders die liever nog even hadden gewacht, geven vaak uiteindelijk toe, gewoon omdat ze niet willen dat hun kind de enige is zonder smartphone.Het idee achter KidsUnplugged is dan ook om de norm collectief te veranderen, in plaats van van elk gezin afzonderlijk te vragen hiertegen in te gaan.We moedigen ouders aan om de introductie van een persoonlijke smartphone minstens uit te stellen tot het einde van het tweede middelbaar en die van sociale media minstens tot de leeftijd van 16 jaar. Met het Smartphonepact wordt deze keuze zichtbaar gemaakt en kunnen gezinnen met elkaar in contact komen.Het gaat er absoluut niet om dat we tegen technologie zijn, integendeel. We zijn er gewoon van overtuigd dat kinderen, voordat ze voortdurend over zo'n krachtig hulpmiddel beschikken, eerst essentiële vaardigheden moeten kunnen ontwikkelen: spelen, bewegen, lezen, zich vervelen, zich concentreren, creëren, relaties opbouwen en geleidelijk aan zelfstandiger worden.We willen ook het idee in vraag stellen dat kinderen door hen op jonge leeftijd een smartphone te geven, beter voorbereid zouden zijn op de digitale wereld. Digitale technologie gebruiken en echte digitale vaardigheden verwerven, zijn twee verschillende zaken. Weten hoe je door video's moet scrollen of enkele apps moet gebruiken, betekent niet dat je informatie kunt opzoeken, kritisch kunt nadenken, technologie begrijpt of artificiële intelligentie op een doordachte manier kunt creëren en gebruiken.Net omdat de wereld van morgen sterk door technologie zal worden bepaald, vinden we dat kinderen eerst een stevige basis moeten meekrijgen.De recentste PISA-resultaten, die in september 2026 door de OESO werden gepubliceerd, versterken deze overtuiging: de prestaties van 15-jarige leerlingen hebben historisch lage niveaus bereikt voor lezen en wiskunde. De OESO wijst de smartphone niet aan als enige oorzaak, maar benadrukt wel de verbanden tussen bepaalde vormen van digitaal gebruik, afleiding, een afname van het leesplezier en minder goede schoolresultaten.De smartphone is bovendien niet langer zomaar een hulpmiddel: wanneer hij op zeer jonge leeftijd zijn intrede doet, wordt hij bijna een omgeving waarin een deel van de kindertijd zich afspeelt. De vraag is dus niet alleen wat kinderen ermee doen, maar ook op welke leeftijd we hen daarin willen laten stappen.Sinds 2024 ontstaan in tal van landen gelijkaardige bewegingen als KidsUnplugged, telkens gedragen door dezelfde overtuiging: als zoveel gezinnen liever nog even wachten, waarom zouden ze dat dan elk afzonderlijk moeten doen?2. Wat doen jullie precies?Onze werking steunt vandaag op drie pijlers.Informeren staat op de eerste plaats. Dat doen we via lezingen, informatieavonden op scholen, webinars, informatieve content en samenwerkingen met artsen, onderzoekers en specialisten.Mobiliseren doen we vervolgens via het Smartphonepact en onze samenwerking met scholen, ouderverenigingen en lokale gemeenschappen. Zo kunnen gezinnen elkaar vinden en samen actie ondernemen.Belangen verdedigen vormt de derde pijler. We gaan in gesprek met beleidsmakers en instellingen, zowel in België als op Europees niveau, zodat de bescherming van kinderen niet uitsluitend op de schouders van de ouders terechtkomt.We merken trouwens dat de maatschappelijke kijk op deze kwestie snel verandert. Beperkingen op het gebruik van smartphones op school worden steeds algemener. Het debat gaat niet langer alleen over hoe we kinderen leren om deze hulpmiddelen op een goede manier te gebruiken, maar over een meer fundamentele vraag: op welke leeftijd zijn ze er werkelijk klaar voor om er zelfstandig en voortdurend toegang toe te hebben? De EU KIDS Act is daarvan het meest recente voorbeeld.Maar regelgeving vraagt tijd. Daarom willen we tegelijkertijd op het terrein én bij de beleidsmakers actie ondernemen. Ouders kunnen vandaag al met elkaar in gesprek gaan, scholen kunnen het debat al openen en wanneer voldoende gezinnen samen beslissen om te wachten, neemt de sociale druk onmiddellijk af.3. Zien jullie al resultaten en positieve reacties op jullie initiatieven?In minder dan twee jaar tijd is onze beweging aanzienlijk gegroeid: meer dan 3.300 Smartphonepacten werden ondertekend door gezinnen uit meer dan 850 scholen en we beschikken over een netwerk van meer dan 500 artsen die ons initiatief steunen. Dat toont aan dat er een grote behoefte bestaat aan begeleiding rond deze thema's.Maar naast de cijfers zijn het vooral de getuigenissen van gezinnen die ons aanmoedigen. Eén zin komt daarbij vaak terug: « Bedankt, ik dacht dat ik de enige was die liever nog even wilde wachten. »Ook de kwalitatieve evolutie is bijzonder belangrijk voor de toekomstperspectieven van onze organisatie. De kwestie van de vroege blootstelling aan smartphones en sociale media staat vandaag stevig op de publieke agenda in België. KidsUnplugged is voor ouders uitgegroeid tot een van de referentiestemmen in de media rond dit thema.De organisatie wordt vandaag regelmatig uitgenodigd op plaatsen waar ze zich enkele maanden geleden nog een weg naartoe moest banen: Europese expertengroepen, parlementaire commissies en strategische gesprekken met de kabinetten van de ministers bevoegd voor onderwijs en gezondheid.4. Wat mogen we jullie de komende maanden toewensen?We willen de verdere ontwikkeling van KidsUnplugged voortzetten, meer ontmoetingen op scholen organiseren, lokale gemeenschappen versterken en ons beleidswerk verder uitbouwen.We schreven ook een boek: Waarom een smartphone kan wachten? Dit boek bouwt voort op ons engagement: ouders de nodige handvatten aanreiken om hun kinderen te begeleiden bij de uitdagingen van de digitale wereld. Het boek kan nu al vooraf besteld worden!Maar bovenal willen we een positieve boodschap blijven uitdragen. Een smartphone uitstellen betekent niet alleen dat je een kind iets ontzegt: het betekent ook dat je het tijd gunt om te lezen, te spelen, zich te vervelen, dingen te creëren, relaties op te bouwen en zelfstandigheid te ontwikkelen.Ons doel is dat een ouder die zegt: « Bij ons wachten we liever nog even voordat we een smartphone geven », zich daarvoor niet langer hoeft te verantwoorden.Aan iedereen bij wie deze boodschap weerklank vindt: vertel over KidsUnplugged aan de mensen om je heen, sluit je aan bij de beweging en onderteken het Smartphonepact als je kinderen hebt.Meer informatieContact: virginie@kidsunplugged.beWij danken Philippe de Potesta voor dit interview

Nieuws

KidsUnplugged Belgium: voor minder geconnecteerde kinderen
Virginie de Troostembergh behaalde een diploma in de economische wetenschappen, een master in internationale betrekkingen en een aggregaat voor het secundair onderwijs. Na een loopbaan in consultancy en projectmanagement gaf ze ook les in het secundair onderwijs, waar ze rechtstreeks werd geconfronteerd met de veranderingen in de aandachtsspanne en het digitale gebruik bij jongeren.Als moeder van vier kinderen raakte ze geleidelijk aan steeds meer geïnteresseerd in de steeds vroegere introductie van smartphones en sociale media in de kindertijd. Vandaag volgt ze een opleiding in familiale, sociale, burgerlijke en commerciële bemiddeling en coördineert ze op vrijwillige basis de Franstalige ontwikkeling van KidsUnplugged Belgium.1. Hoe is KidsUnplugged ontstaan?KidsUnplugged is ontstaan vanuit een eenvoudige vaststelling: veel ouders maakten zich zorgen over de steeds grotere plaats die smartphones en sociale media innemen in het leven van kinderen, maar hadden tegelijk het gevoel dat het bijzonder moeilijk was om daar alleen iets aan te veranderen.Tussen 10 en 12 jaar neemt de sociale druk geleidelijk toe. Zelfs ouders die liever nog even hadden gewacht, geven vaak uiteindelijk toe, gewoon omdat ze niet willen dat hun kind de enige is zonder smartphone.Het idee achter KidsUnplugged is dan ook om de norm collectief te veranderen, in plaats van van elk gezin afzonderlijk te vragen hiertegen in te gaan.We moedigen ouders aan om de introductie van een persoonlijke smartphone minstens uit te stellen tot het einde van het tweede middelbaar en die van sociale media minstens tot de leeftijd van 16 jaar. Met het Smartphonepact wordt deze keuze zichtbaar gemaakt en kunnen gezinnen met elkaar in contact komen.Het gaat er absoluut niet om dat we tegen technologie zijn, integendeel. We zijn er gewoon van overtuigd dat kinderen, voordat ze voortdurend over zo'n krachtig hulpmiddel beschikken, eerst essentiële vaardigheden moeten kunnen ontwikkelen: spelen, bewegen, lezen, zich vervelen, zich concentreren, creëren, relaties opbouwen en geleidelijk aan zelfstandiger worden.We willen ook het idee in vraag stellen dat kinderen door hen op jonge leeftijd een smartphone te geven, beter voorbereid zouden zijn op de digitale wereld. Digitale technologie gebruiken en echte digitale vaardigheden verwerven, zijn twee verschillende zaken. Weten hoe je door video's moet scrollen of enkele apps moet gebruiken, betekent niet dat je informatie kunt opzoeken, kritisch kunt nadenken, technologie begrijpt of artificiële intelligentie op een doordachte manier kunt creëren en gebruiken.Net omdat de wereld van morgen sterk door technologie zal worden bepaald, vinden we dat kinderen eerst een stevige basis moeten meekrijgen.De recentste PISA-resultaten, die in september 2026 door de OESO werden gepubliceerd, versterken deze overtuiging: de prestaties van 15-jarige leerlingen hebben historisch lage niveaus bereikt voor lezen en wiskunde. De OESO wijst de smartphone niet aan als enige oorzaak, maar benadrukt wel de verbanden tussen bepaalde vormen van digitaal gebruik, afleiding, een afname van het leesplezier en minder goede schoolresultaten.De smartphone is bovendien niet langer zomaar een hulpmiddel: wanneer hij op zeer jonge leeftijd zijn intrede doet, wordt hij bijna een omgeving waarin een deel van de kindertijd zich afspeelt. De vraag is dus niet alleen wat kinderen ermee doen, maar ook op welke leeftijd we hen daarin willen laten stappen.Sinds 2024 ontstaan in tal van landen gelijkaardige bewegingen als KidsUnplugged, telkens gedragen door dezelfde overtuiging: als zoveel gezinnen liever nog even wachten, waarom zouden ze dat dan elk afzonderlijk moeten doen?2. Wat doen jullie precies?Onze werking steunt vandaag op drie pijlers.Informeren staat op de eerste plaats. Dat doen we via lezingen, informatieavonden op scholen, webinars, informatieve content en samenwerkingen met artsen, onderzoekers en specialisten.Mobiliseren doen we vervolgens via het Smartphonepact en onze samenwerking met scholen, ouderverenigingen en lokale gemeenschappen. Zo kunnen gezinnen elkaar vinden en samen actie ondernemen.Belangen verdedigen vormt de derde pijler. We gaan in gesprek met beleidsmakers en instellingen, zowel in België als op Europees niveau, zodat de bescherming van kinderen niet uitsluitend op de schouders van de ouders terechtkomt.We merken trouwens dat de maatschappelijke kijk op deze kwestie snel verandert. Beperkingen op het gebruik van smartphones op school worden steeds algemener. Het debat gaat niet langer alleen over hoe we kinderen leren om deze hulpmiddelen op een goede manier te gebruiken, maar over een meer fundamentele vraag: op welke leeftijd zijn ze er werkelijk klaar voor om er zelfstandig en voortdurend toegang toe te hebben? De EU KIDS Act is daarvan het meest recente voorbeeld.Maar regelgeving vraagt tijd. Daarom willen we tegelijkertijd op het terrein én bij de beleidsmakers actie ondernemen. Ouders kunnen vandaag al met elkaar in gesprek gaan, scholen kunnen het debat al openen en wanneer voldoende gezinnen samen beslissen om te wachten, neemt de sociale druk onmiddellijk af.3. Zien jullie al resultaten en positieve reacties op jullie initiatieven?In minder dan twee jaar tijd is onze beweging aanzienlijk gegroeid: meer dan 3.300 Smartphonepacten werden ondertekend door gezinnen uit meer dan 850 scholen en we beschikken over een netwerk van meer dan 500 artsen die ons initiatief steunen. Dat toont aan dat er een grote behoefte bestaat aan begeleiding rond deze thema's.Maar naast de cijfers zijn het vooral de getuigenissen van gezinnen die ons aanmoedigen. Eén zin komt daarbij vaak terug: « Bedankt, ik dacht dat ik de enige was die liever nog even wilde wachten. »Ook de kwalitatieve evolutie is bijzonder belangrijk voor de toekomstperspectieven van onze organisatie. De kwestie van de vroege blootstelling aan smartphones en sociale media staat vandaag stevig op de publieke agenda in België. KidsUnplugged is voor ouders uitgegroeid tot een van de referentiestemmen in de media rond dit thema.De organisatie wordt vandaag regelmatig uitgenodigd op plaatsen waar ze zich enkele maanden geleden nog een weg naartoe moest banen: Europese expertengroepen, parlementaire commissies en strategische gesprekken met de kabinetten van de ministers bevoegd voor onderwijs en gezondheid.4. Wat mogen we jullie de komende maanden toewensen?We willen de verdere ontwikkeling van KidsUnplugged voortzetten, meer ontmoetingen op scholen organiseren, lokale gemeenschappen versterken en ons beleidswerk verder uitbouwen.We schreven ook een boek: Waarom een smartphone kan wachten? Dit boek bouwt voort op ons engagement: ouders de nodige handvatten aanreiken om hun kinderen te begeleiden bij de uitdagingen van de digitale wereld. Het boek kan nu al vooraf besteld worden!Maar bovenal willen we een positieve boodschap blijven uitdragen. Een smartphone uitstellen betekent niet alleen dat je een kind iets ontzegt: het betekent ook dat je het tijd gunt om te lezen, te spelen, zich te vervelen, dingen te creëren, relaties op te bouwen en zelfstandigheid te ontwikkelen.Ons doel is dat een ouder die zegt: « Bij ons wachten we liever nog even voordat we een smartphone geven », zich daarvoor niet langer hoeft te verantwoorden.Aan iedereen bij wie deze boodschap weerklank vindt: vertel over KidsUnplugged aan de mensen om je heen, sluit je aan bij de beweging en onderteken het Smartphonepact als je kinderen hebt.Meer informatieContact: virginie@kidsunplugged.beWij danken Philippe de Potesta voor dit interview

L'Institut de la Vierge Fidèle viert dit jaar de honderdste verjaardag van zijn vestiging in Brussel
Ter gelegenheid hiervan vond op 26 september een grote reünie van oud-leerlingen en leerkrachten plaats in het instituut. Op het programma stonden een eucharistieviering in de Sint-Albertuskerk, gevolgd door een weerzien in het instituut, toespraken en een walking dinner. Wij spraken met Anne Siraut, lid van het organisatieteam.Hoe hebt u de organisatie van een evenement van deze omvang beleefd?Ons team bestaat uit zes oud-leerlingen: Marie-Charlotte Destrée, Stéphanie du Bois de Bounam de Ryckholt, Marina Lemercier, Tamara Liénart van Lidth de Jeude, Bénédicte Reychler en ik. We behoren tot verschillende generaties, en dat maakt het juist zo verrijkend. We kwamen voor het eerst samen in mei 2025 en het klikte meteen. Heel vanzelfsprekend vond ieder teamlid haar rol. Ik was onder de indruk van de efficiëntie, de stiptheid, het geduld, de creativiteit en het vermogen van ieder om in haar eigen domein op onverwachte situaties in te spelen. Het was een waar genoegen om te werken met een team waarop je echt kunt rekenen.Er waren meer dan 850 aanwezigen!Alle generaties waren vertegenwoordigd, van leerlingen die tijdens de oorlogsjaren 1940-1945 tot de eerste lichtingen behoorden tot de laatstejaars van de afgelopen jaren, nu de school intussen gemengd is geworden. In honderd jaar heeft de VF duizenden jongeren gevormd, van wie sommigen vandaag een belangrijke plaats innemen in ons land of in het buitenland. We hadden de eer om onze koningin en de groothertogin van Luxemburg in besloten kring te mogen verwelkomen op de plek waar ze hun jeugd doorbrachten en hun vriendinnen van toen mochten terugzien.De VF was misschien niet voor iedere leerling weggelegd: sommigen waren er dol op, anderen hebben er tranen gelaten of kwamen in opstand, maar dat weerhield hen er niet van om terug te komen en herinneringen op te halen. De VF is één grote familie: we zagen er grootmoeders samen met hun dochters en kleinkinderen. Ook heel wat leerkrachten namen deel aan het evenement.Wat maakt van de VF zo’n grote familie?De VF is geen erg grote school: omdat er op het domein geen ruimte is om uit te breiden, is het aantal leerlingen beperkt tot ongeveer 1.200, waarvan zowat 650 in de humaniora. Dankzij die kleinschaligheid kennen leerlingen niet alleen hun klasgenoten, maar ook leerlingen uit jongere en oudere jaren. Bovendien: wie de VF heeft gekend, keert er terug! Of het nu is om er de eigen kinderen in te schrijven of om er les te geven, talrijke generaties hebben elkaar er teruggevonden.Ook, en vooral, de zusters die over onze opvoeding hebben gewaakt, vormen een verbindende factor.De ovatie voor zuster Vanbrabant, de huidige overste, die haar negentigste verjaardag vierde, was daar een mooi voorbeeld van.Waar komen de vele foto’s vandaan die tentoongesteld of geprojecteerd werden?In het gebouw van de zusters bevindt zich een tussenverdieping die een ware schatkamer is voor liefhebbers van archieffoto’s. Zuster Vanbrabant liet ons toe onze verzameling herinneringen aan te vullen. Omdat we ook aan het jubileumboek voor de honderdste verjaardag werken, konden we bovendien de annalen raadplegen die bewaard worden in La Délivrande (het moederhuis van de congregatie). Jammer genoeg reiken al deze archieven niet verder dan de twintigste eeuw, aangezien de zusters nadien geen foto’s meer maakten. Gelukkig konden we voor de recente periode rekenen op foto’s van leerlingen en van een aantal leerkrachten.En nu? Het feest is voorbij: wat blijft ervan over?Wat mij het meest bijblijft, is de familiale en warme sfeer van dit weerzien. Het was bijzonder ontroerend om zoveel stemmen unisono het lied van de Vierge Fidèle te horen zingen, eerst in de kerk en daarna in de grote studiezaal. De jongsten, die deze traditie niet kenden, konden nauwelijks geloven dat ze deel uitmaakten van zo’n grote familie over de generaties heen. Veel oud-leerlingen maakten van de gelegenheid gebruik om oude banden aan te halen, foto’s en telefoonnummers uit te wisselen, en er werden afspraken gemaakt om elkaar terug te zien. En onze taak zit er nog niet op: het boek moet nog afgewerkt worden...Er wordt veel gesproken over het boek voor de honderdste verjaardag. Waarover gaat het?Dit boek vertelt over de VF in het verleden, het heden en de toekomst.Aan de hand van talrijke foto’s en getuigenissen belicht het alle facetten van de school: de evolutie van de gebouwen, het onderwijs, de voorstellingen, de feesten, het leven op het internaat, de gemeenschap van de zusters en de buitenschoolse activiteiten. De VF heeft stevige wortels, gevoed door de geest van de zusters, de leerkrachten en de leerlingen die hun rokken (en later hun broeken) hebben versleten op de houten stoelen die nog altijd in de studiezaal staan. Dat neemt niet weg dat de VF een moderne, toekomstgerichte school is die haar leerlingen vleugels wil geven.Contact: alumni.vf.bxl@gmail.com

75 jaar SCK CEN
Een Belgisch verhaal van wetenschap, dienstbaarheid en toekomst In 2027 vieren we een uitzonderlijk Belgisch verhaal over wetenschap en industrie, Congo en Amerika, de Kroon en de Kempen— en zelfs Kuifje.Dat verhaal begint vóór 9 april 1952. België en de wereld stonden aan het begin van een nieuwe revolutie. Kernenergie was amper tien jaar oud en veelbelovend. Dat België daarin een vooraanstaande plaats kreeg, was geen toeval. Het Congolese uranium van Union Minière du Haut Katanga had tijdens de Tweede Wereldoorlog een belangrijke rol gespeeld in het Manhattanproject. Daardoor kreeg België als een van de eersten toegang tot civiele nucleaire technologie om een Studiecentrum voor de Toepassingen van de Kernenergie (STK CEAEN) op te richten … rond Brussel.Graaf Pierre Ryckmans voormalig gouverneur-generaal van Belgisch-Congo, eerste commissaris-generaal voor Atoomenergie en onderhandelaar van het akkoord met de Verenigde Staten, werd de eerste voorzitter. Het centrum kreeg onderdak in Sint-Genesius-Rode bij het Von Karman Instituut in lijn met onze Brusselse ambities, maar al snel kreeg het letterlijk koninklijke grond onder de voeten. Vanaf 1954 groeide Mol-Dessel, op de vroegere terreinen van het koninklijk domein, uit tot het hart van het Belgische nucleaire onderzoek en tot een wereldcentrum dat mee de toekomst vormgaf. Een nieuwe locatie, een nieuwe naam SCK CEN… het Atomium zou echter niet in Mol komen.Vier jaar na de start stond in Mol BR1, de eerste Belgische onderzoeks Reactor. Hij werd in amper achttien maanden gebouwd en is vandaag nog altijd in gebruik voor de opleiding van nucleaire ingenieurs. Nog vóór BR1 klaar was, sprak hij al tot de verbeelding: in Raket naar de Maan uit 1953 tekende Hergé een reactor die duidelijk door BR1 was geïnspireerd. De Belgische nucleaire toekomst leefde dus niet alleen in laboratoria en regeringsnota’s. Ze motiveerde een generatie jongeren om ingenieur te worden, onderzoek te doen en ooit in Mol te mogen werken. Ik was daar een van.Onder het voorzitterschap van graaf Marc de Hemptinne kwamen daar nog drie reactoren bij. Tot de meest sprekende behoren BR2, vandaag nog altijd een van de krachtigste onderzoeksreactoren ter wereld, en BR3, de eerste drukwaterreactor van Europa. Die technologie zou mee de weg effenen voor de latere Belgische kerncentrales in Doel en Tihange.Zo groeide SCK CEN uit tot een plek waar wetenschappelijk onderzoek, industriële toepassing en nationale strategie elkaar vonden. Eind jaren vijftig had België in Mol een echt “atoomdorp”, waar toponderzoekers wilden werken, en in Brussel het Atomium, waarmee het die ambitie aan de wereld toonde.In de loop van die 75 jaar bezochten alle Belgische koningen het centrum op sleutelmomenten. Dat was meer dan ceremonieel. Het paste in een bredere Belgische ambitie: wetenschap, onderwijs en industrie samenbrengen in sterke nationale instellingen. Grote ambities vragen meer dan ideeën alleen. Het zijn visie en structuren die aan een ambitie continuïteit geven en haar in staat stellen generaties te overbruggen.Met de geplande kernuitstap begin deze eeuw kwamen veiligheid, ontmanteling, afvalbeheer, medische toepassingen en stralingsbescherming centraal te staan. SCK CEN droeg bij aan kankerbestrijding met radio-isotopen, aan de bescherming van astronauten en zelfs aan studies over voedselproductie voor toekomstige ruimtemissies. Met BR3 leerde België hoe een kerncentrale veilig kon worden ontmanteld. Met MYRRHA keek België vooruit naar een nieuwe generatie nucleair onderzoek.Vandaag krijgt het energievraagstuk opnieuw urgentie. De oorlog in Oekraïne heeft ons herinnerd dat energie een kwestie van strategische autonomie is — en die bouw je niet op het moment dat je haar nodig hebt. In die context grijpt SCK CEN terug naar zijn oorspronkelijke opdracht: grensverleggend onderzoek naar veilige en betrouwbare elektriciteitsproductie via kernenergie. Projecten rond kleine modulaire reactoren, radiofarmaca, brandstofrecuperatie en nieuwe reactortypes tonen dat Mol nog altijd een van de plaatsen is waar Europa’s toekomstdebat vorm krijgt.Voor mij blijft één gedachte centraal staan, geworteld in ons verleden en gericht op onze toekomst: “wij zijn hier om te dienen, niet om gediend te worden”. Wetenschap krijgt pas echt betekenis wanneer zij wordt ingezet voor de samenleving: om mensen te genezen, energie veiliger te maken en jonge mensen te laten dromen en kansen te geven. Misschien is dat het mooiste aan 75 jaar SCK CEN: een Belgisch project, gevormd door de wereld en bestemd voor de wereld — door uranium uit Congo, technologie uit Amerika, steun van de Kroon, onderzoekers uit vele landen en de verbeelding van Hergé.Moge men in 2052, bij de 100ste verjaardag van SCK CEN, terugkijken op een centrum dat trouw bleef aan zijn roeping: kennis in dienst van de samenleving stellen. Voor mij was het de eer van mijn leven om een stukje van dat verhaal te mogen dienen. Ik hoop dat SCK CEN een voorbeeld blijft voor vele jongeren — ook voor mijn kleinkinderen Louise-Marie en Anne-Sophie.Prof. dr. ir. baron Derrick-Philippe Gosselin10de voorzitter van de Raad van Bestuur, SCK CEN Fotocredits:(1) © SCK CEN

Zij vertellen ons over leiderschap: baron Pierre Gurdjian en baron Werner de Jamblinne de Meux
(*) Pierre Gurdjian est un professionnel actif dans la gouvernance d’entreprise, l’action sociétale et l’encouragement de la sagesse dans le leadership. Il préside le conseil d'administration de Solvay SA, et est membre des conseils d’administration de UCB et de Lhoist. Il a présidé le conseil d'administration de l’Université libre de Bruxelles de 2016 à 2023. Auparavant il a exercé comme senior partner au sein du cabinet de conseil McKinsey pendant près de trois décennies. Il est le co-fondateur de la plateforme de soutien aux jeunes leaders sociétaux ”Belgium's 40 under 40”. Il est également membre du conseil d’administration de la Chapelle Musicale Reine Elisabeth et des Instituts Solvay ainsi que de plusieurs autres associations philanthropiques. Il est titulaire d’un diplôme d’Ingénieur Commercial Solvay (VUB) et d’un MBA de Harvard Business School. Il est officier de réserve honoraire de Cavalerie Blindée.Nous sommes tous des leaders/dirigeants à partir du moment où l’on nous confie une responsabilité, quelle qu’elle soit.Exercer une responsabilité n’est pas une modalité de carrière ou d’occupation professionnelle. C’est une dimension fondamentale d’une vie qui se déploie. C’est un devoir que l’on accomplit. C’est un état d’esprit, une posture intérieure, pas un intitulé de fonction.Face à un monde qui semble avoir perdu ses repères et ses orientations, la tâche du dirigeant est d’associer l’action courageuse à la manière d’être. Apporter le devenir comme remède à la désorientation.Diriger c’est d’abord agir. C’est se confronter avec courage à l’inévitable résistance du monde. Parce que, loi fondamentale de la physique, toute action suscite une réaction. S’il ne se manifeste pas de résistance, l’action n’est pas suffisamment aboutie.Ensuite, pour être forte et authentique, l’action doit nécessairement être nourrie et adossée à l’esprit. L’action juste exige un travail parallèle d’exploration et d’approfondissement spirituel. Un travail de sculpture de soi.Ce travail permet de générer la Joie plutôt que la Tristesse, en affrontant les dispositions toxiques qui expriment classiquement la résistance à l’action juste : l’égoïsme, l'attitude de victime, le découragement, l’évitement, la fuite, le cynisme...Les états d’esprits toxiques sont des poisons ; il faut donc vigoureusement administrer du contre-poison.Le contre-poison, c’est la capacité à incarner profondément des dispositions intérieures ”génératives“, c’est à dire libératrices et créatrices d’énergie positive. Des états d’âme plutôt que des états d’esprit.En voici quelques principaux pour les temps incertains que nous connaissons :1. S’ancrer dans les Racines et la Passion : se connecter à ses racines profondes et y identifier la passion qui exprime notre âme individuelle ;2. Parler face aux Ténèbres : nommer et faire face à la vérité nue d’une réalité menaçante et sombre avec clarté et lucidité et, fermement, lui opposer la force d’une promesse d’un monde meilleur ;3. Agir face à la pression avec Gravitas et Grâce : faire montre de dignité et d’engagement, et adopter sans concession la hauteur de vue et l’élégance des attitudes ;4. Recevoir, Donner et Transmettre : ne jamais se comporter en propriétaire, mais résolument en dépositaire ; recevoir de ceux qui nous précèdent, donner avec générosité à ceux qui cheminent avec nous, transmettre à ceux qui nous suivent ;5. Observer et Ecouter : voir avant de déduire, écouter avant de parler ; la vision et l’ouïe sont nos sens les plus nobles.Agir avec Sagesse c’est être ainsi animé par ces dispositions intérieures génératives. C’est forger avec patience et détermination sa force intérieure. C’est lire avec justesse les motifs de la vie avec intégrité et bienveillance.C’est travailler sans relâche à la maîtrise de soi et à accomplir son devoir au service de ce qui dépasse notre intérêt personnel. A contribuer humblement mais courageusement à rendre le monde un peu meilleur.C'est diriger avec un supplément d’âme.Baron Pierre Gurdjian(*) Le Colonel de Réserve Werner de Jamblinne de Meux, a été officier d'active pendant 9 ans au Régiment Para-Commando devenu actuellement le Régiment des Opérations Spéciales. Il a ensuite rejoint le cadre de Réserve et a écrit son "Research Paper" (mémoire) dans le cadre de ses examens d'avancement au grade de Colonel en 2014-2015 : QUEL LEADSERSHIP POUR LA GENERATION Y ? (Dans quelle mesure la Défense, en fonction de sa spécificité, peut-elle se calquer sur le monde des entreprises ?)Quel leadership pour la génération Y ?Dans quelle mesure la Défense, en fonction de sa spécificité, peut-elle se remettre en question et faire évoluer son type de leadership ?La génération Y, née entre 1980 et 1995, est une génération de transition car elle a subit le passage de l’économie industrielle à la société du savoir. Ce qui la motive est davantage lié à la reconnaissance matérielle. Plus centrée sur elle-même, sa population acquiert une âme d’entrepreneur Les attentes de cette génération par rapport au monde professionnel sont très fortement ancrées de sens, de transparence et d’épanouissement personnel.Le tableau ci-dessous illustre les zones de friction avec le vécu à la Défense.Les attentesLes zones de frictionLa recherche de sensL’information et les modes de communicationUne communication adaptéeUn feed-back permanentUne loyauté mesuréeL’autorité, la hiérarchie et la disciplineUne autorité de compétenceUne ambiance de travailDes valeurs fortesLes valeursUne impatience à plus de responsabilitésLa prise de responsabilitésUn équilibre vie privée-vie professionnelleVie privée-vie professionnelleUne rémunération liée à la performanceLa rémunérationSi les entreprises ont dû s’adapter, il revient à la Défense d’initier une démarche similaire en tenant compte de sa spécificité et de son mode de fonctionnement.En termes de communication, la transparence doit être une évidence et un accent particulier sur le feed-back permanent est une priorité absolue.Faire accepter l’autorité passe par un type de leadership qui soit « démocratique-persuasif », et qui privilégie l’explication et la dimension émotionnelle. Cela passe par une meilleure connaissance de son personnel à qui le sens des règles de fonctionnement aura été expliqué clairementLes valeurs doivent être redéfinies en y associant les différentes générations de manière à les rendre puissantes et cohérentes pour, en définitive, les communiquer avec dynamisme et les faire vivre, sachant que la Défense n’est pas une entreprise comme les autres.Il n’est toutefois pas question que la Défense perde son ADN en privilégiant ce leadership plus individualisé, mais qu’elle réponde aux attentes d’une génération qu’il faut fidéliser tout en veillant à préserver cet équilibre fondamental entre la satisfaction des générations et l’exercice de la mission. Le capital humain dont il s’agit est le plus précieux mais probablement aussi le plus sensible à gérer…Baron Werner de Jamblinne de MeuxWe bedanken Philippe de Potesta voor dit interview(*) We hebben deze tekst in de oorspronkelijke taal behouden om de nuances in de gedachtegang van de twee auteurs te bewaren.

Zij maken de wijn, zij beleven de wijnbouw
2025 was een recordjaar voor de wijnbouw in België: 350 wijnbouwers oogstten 4,3 miljoen liter wijn op duizend hectare wijngaarden (bron: RTBF).Presentatie van de Waalse sectorPhilippe de Potesta :Vanessa, kunt u ons de Vereniging van Waalse Wijnbouwers voorstellen, waarvan u voorzitter bent, en ons vertellen welke eisen aan Belgische wijnbouwers worden opgelegd in vergelijking met andere landen?Vanessa Vaxelaire (Château de Bioul) :De Vereniging van Waalse Wijnbouwers is een regionale structuur die kleine en grote wijnbouwers uit heel Wallonië samenbrengt. Ze werd ongeveer twintig jaar geleden opgericht en telt vandaag zowat 120 leden. Haar opdracht bestaat erin de Waalse wijnsector te vertegenwoordigen, te verdedigen en te begeleiden in zijn ontwikkeling.Belgische wijnbouwers worden geconfronteerd met bijzondere uitdagingen. Eerst en vooral maakt ons koude en vochtige klimaat de teelt van wijnstokken complexer en vereist het een grote technische beheersing, zowel in de wijngaard als in de kelder. Daarnaast vergt de jonge Belgische wijnbouwsector recente en aanzienlijke investeringen in moderne machines, wat tegelijk een voordeel en een beperking vormt.Tot slot vormt ook de fiscaliteit een grote uitdaging: de accijnzen in België liggen aanzienlijk hoger dan in veel buurlanden. Zo bedragen de accijnzen op een fles mousserende wijn meer dan 2 euro, wat een concurrentienadeel creëert ten opzichte van Frankrijk, Italië en Luxemburg.Klimaat: opportuniteiten en beperkingenPhilippe de Potesta :Joëlle, wat zijn in ons klimaat de voordelen en de moeilijkheden voor de wijnbouw?Joëlle de Bonhome (Domaine Rocher Bayard) :De klimaatopwarming opent nieuwe perspectieven voor de wijnbouw in onze regio’s, die vroeger als te koel werden beschouwd, maar vergroot tegelijk bepaalde risico’s.Voordelen: een betere rijping van de druiven dankzij de stijgende temperaturen; een gematigd klimaat dat frisheid en zuurtegraad behoudt, wat gunstig is voor de kwaliteit van de wijn; een over het algemeen evenwichtige neerslag die waterstress beperkt.Moeilijkheden: een grotere meteorologische instabiliteit; zachtere winters die zorgen voor een vroegtijdig uitlopen van de knoppen en een risico op voorjaarsvorst; een hoge vochtigheidsgraad die schimmelziekten bevordert (valse meeldauw, echte meeldauw, grauwe schimmel).Bordeaux tegenover de hedendaagse uitdagingenPhilippe de Potesta :Jean-Marie, welke innovaties zijn in de emblematische Bordeauxstreek noodzakelijk om de uitdagingen van de klimaatverandering en de evolutie van de markten aan te gaan?Jean-Marie della Faille de Leverghem (Château Bonneau-Livran, Haut-Médoc) :De Bordeauxstreek, wereldwijd een referentie, wordt geconfronteerd met een ongeziene crisis. Ondanks een grote technische beheersing van de terroirs blijven de kwetsbaarheid voor het klimaat (vorst, hagel) en de sanitaire druk bestaan.De omschakeling naar biologisch verantwoorde wijnbouw is essentieel, maar maakt het werk complexer door behandelingen die minder langdurig werkzaam zijn. Door de klimaatopwarming stijgt het alcoholpercentage tot 13,5 à 14 %.De grootste uitdaging blijft echter commercieel: tegenover een overvloedig wereldaanbod en een dalende alcoholconsumptie moet Bordeaux zich heruitvinden. De sector onderzoekt onder meer monocépagewijnen, sulfietvrije wijnen en roséwijnen.Na jaren van overproductie vormt de huidige grootschalige ontworteling van wijnstokken een moeilijke maar noodzakelijke stap om het aanbod aan de markt aan te passen.Opleiding wijnbouw in BelgiëPhilippe de Potesta :Kunt u ons iets vertellen over de opleiding wijnbouw in België?Nathalie Desclée de Maredsous (wijngaard "Vignoble de Maharenne à Maredsous" ) :In België worden twee gecertificeerde opleidingen in wijn- en wijnbouwkunde aangeboden: de ene door de Haute École Condorcet in samenwerking met de ULB, en de andere door het IFAPME in Huy en Perwez. Beiden combineren theoretische lessen met praktische stages in wijngaarden.Keuze van de druivenrassenPhilippe de Potesta :Welke druivenrassen kunnen gekozen worden om in onze streken te worden aangeplant?Nathalie Desclée ("Vignoble de Maharenne à Maredsous") :De keuze van de druivenrassen gebeurt in twee fasen. Eerst wordt de onderstam gekozen in functie van de bodem en de gewenste groeikracht. Vervolgens kiest men het druivenras volgens het type wijn dat men wil produceren (wit, rood, rosé, mousserend of niet-mousserend).Ook het klimaat speelt een doorslaggevende rol, vooral wegens het risico op vorst.Er zijn twee grote families.Traditionele druivenrassen: Chardonnay, Pinots… Goed gekend, maar gevoelig voor ziekten en daarom afhankelijk van regelmatige behandelingen.Resistente druivenrassen (interspecifieke variëteiten): ontstaan uit kruisingen met Amerikaanse druivenrassen; zij zijn van nature resistent tegen ziekten en maken het mogelijk het gebruik van behandelingen sterk te verminderen. Voorbeelden: Johanniter, Souvignier Gris, Solaris, Muscaris.Wijnbouwpraktijken en beperkingenPhilippe de Potesta :Welke beperkingen brengen de verschillende wijnbouwpraktijken met zich mee?François-Hubert du Fontbaré de Fumal (Château Fumal) :In de conventionele wijnbouw bestaan meer technische oplossingen: chemische onkruidbestrijding verloopt sneller en de bestrijding van ziekten en insecten is eenvoudiger.In de biologische wijnbouw is de werklast groter. De productie ligt lager, is veeleisender en risicovoller, vooral met klassieke druivenrassen zoals chardonnay, in een vochtig klimaat waar de ziektedruk hoog is.In de biodynamische wijnbouw zijn de vereisten nog strenger. Het werk volgt het ritme van de natuur, vereist ongeveer 30 % meer arbeidskrachten en brengt hoge certificeringskosten mee.In Fumal werd de biologische certificering onlangs opgegeven na oogstverliezen in 2021 en 2024. Dat verhindert echter niet dat men op een milieuvriendelijke manier blijft werken: er worden geen herbiciden of insecticiden gebruikt.Wij danken Philippe de Potesta voor dit interview.
Evenementen
Cercle Franklin: Antica Namur
Het Cercle Franklin nodigt u uit voor Antica Namur op zondag 8 november!
Gastronomische lunch: Het is tijd voor de jacht
De lunches van de VAKB zijn een mooie gelegenheid om elkaar terug te ontmoeten in een warme en gezellige sfeer, rond een verfijnde maar toegankelijke maaltijd. Een bijzonder moment om oude bekenden terug te zien en samen met andere leden aangenaam bij te praten.Deze lunches zijn mogelijk dankzij de inzet van een fantastisch team van vrijwilligers. Ze worden georganiseerd door Christine de Pret en Véronique de Montpellier, samen met een even dynamisch als toegewijd team.Tijdens de tweede lunch van het nieuwe seizoen kunt u genieten van een menu met smaken geïnspireerd op de jacht.Voorafgaand aan de lunch vindt van 11.00 tot 12.00 uur een initiatie bridge plaats, gegeven door Nicolas de Neve de Roden. Voor deze initiatie is geen inschrijving vereist.
VOLZET Opleiding in AI 16/11
Programma van de opleiding Artificiële intelligentie begrijpen, testen en vertrouwd maken in een halve dag Begeleid door Louis de Viron (BeCode) Deze opleiding (beginnersniveau) heeft als doel duidelijke handvatten rond AI aan te reiken en deelnemers snel van inzicht naar praktijk te laten evolueren. Programma:• Onthaal en introductie (30 minuten)• Wat is AI? Hoe werkt het en wat zijn de ethische aandachtspunten? (60 minuten)• Koffiepauze (15 minuten)• Overzicht van de meest indrukwekkende AI-tools (30 minuten)• Hoe ga je in dialoog met een AI om er het beste uit te halen? (45 minuten)• Praktische oefeningen met ChatGPT (60 minuten)

Onze Zoekertjes
Wilt u iets te koop aanbieden? Bent u op zoek naar de woning van uw dromen om te huren of te kopen? Heeft u een speciale dienst nodig?
Ontdek de rubriekszoekertjes van onze leden en voeg zelf uw zoekertjes toe.
Privatiseer het huis
De grote zaal
De Grote Zaal staat in het middelpunt van alle actie. Zij is versierd met een prachtige renaissanceschouw, wandtapijten van Aubusson en kroonluchters in Louis XV stijl, die de luchters van de Mazarine-bibliotheek nabootsen. Een zeer mooie trap leidt naar boven. Het is op deze magische plek dat de meest memorabele gebeurtenissen van de vereniging zijn ontstaan, wat gezorgd heeft voor onvergetelijke momenten voor sommige van onze leden.
De lounge van de jongeren
De JBA lounge is een polyvalente zaal. Deze gezellige en feestelijke ruimte is beschikbaar voor uw feesten of uw "lounge" momenten.
Vergaderzalen
Als lid kunt u onze vergaderzalen - en zelfs het hele gebouw voor grotere feesten - privatiseren. Caroline Siraut en haar team helpen u om de kleinste details om te toveren tot een onvergetelijke ervaring.
De eetkamer
Grenzend aan de grote zaal vindt men de eetkamer, een prachtige ruimte van bijna 70 m². De lambrisering aan de wanden verleent een uniek karakter aan deze ruimte.Een tweede, zeer discrete deur maakt het de cateraar mogelijk om alle gasten te kunnen bedienen zonder de circulatie van de genodigden te belemmeren.
De chinese lounge
De Louis XV-lounge met panelen in Chinese stijl bevindt zich op het gelijkvloers en geeft uit op het terras van het huis. Het parket is er verfraaid met mahoniehouten inlegstukken.
De bibliotheeklounge
De bibliotheeklounge, aan de ingang links, is een intieme en verfijnde ruimte. De kamer is versierd met houtwerk en volle boekenrekken, uitnodigend tot ontspanning of een gesprek. Een tweede - discrete - deur leidt naar de grote zaal en versterkt zodoende de doorstroming en de circulatie op het gelijkvloers.De bibliotheeklounge leent zich perfect voor diners in kleine groepen, waar u een gezellig moment kunt delen in een gedempte en warme sfeer.
Steun ons
Ontdek hoe u in alle vertrouwen diegenen kunt steunen die het echt nodig hebben.
U kunt werkelijk een verschil betekenen door SOLIDARITAS te steunen.
Uw gift is waardevol en wij zijn er u erkentelijk voor.
Een donatie doen