Deze website maakt gebruik van cookies. Essentiële en functionele cookies zijn noodzakelijk voor de goede werking van de website en kunnen niet worden geweigerd. Andere cookies worden gebruikt voor statistische doeleinden (analysecookies) en worden alleen geplaatst als u met de plaatsing ervan instemt. Zie ons cookiebeleid voor meer informatie.

28/09/2026

Een eerste huwelijksjaar als geen ander

In het hart van Manilla, op de Filipijnen, proberen duizenden kinderen die slachtoffer zijn van geweld en drugs, elke dag te overleven in de hel van de straat.

Léopold en Géraldine d’Otreppe vertellen hun verhaal.

Hoe hebben jullie deze situatie op de Filipijnen ontdekt?

Wij zijn in de zomer van 2019 getrouwd en hadden het plan opgesteld om een jaar vrijwilligerswerk in het buitenland te doen. Daarom namen wij contact op met Missions Étrangères de Paris, een organisatie die jonge vrijwilligers naar stichtingen en partnerverenigingen in Azië stuurt, in functie van de plaatselijke noden. Wij mochten voorkeuren of bezwaren uitspreken voor een bepaald land of een bepaald type van activiteiten, maar we konden niet zelf kiezen; dat is nu eenmaal het principe van de missie. Wij gaven twee voorkeuren aan: uitgezonden worden naar een landelijke omgeving maar niet naar de Filipijnen, een land dat Géraldine al kende. En uiteindelijk werden wij naar Manilla gestuurd, een metropool van 24 miljoen inwoners op de Filipijnen! Dat was een mooie reminder: de enige manier om zich echt te geven, is zich volledig ten dienste te stellen van diegenen die het nodig hebben, zonder voorwaarden te stellen. Zo ontdekten wij de stichting ANAK-Tnk, die zich inzet voor straatkinderen en kinderen uit de sloppenwijken van Manilla. Wij werden ondergedompeld in de realiteit van deze materiële, maar vooral menselijke miserie.

Wat was de aanleiding om jullie eerste huwelijksjaar daar door te brengen?

Wij wilden ons eerste huwelijksjaar in het buitenland beleven, weg van onze gewoonten, onze vertrouwde omgeving en onze sociale kring, om ons als koppel beter te kunnen opbouwen. Aanvankelijk dachten we aan een klassiek werkjaar in een westers land, maar al snel beseften we dat het veel zinvoller was om dit jaar aan vrijwilligerswerk te wijden.

Wanneer is dit grote en prachtige ANAK-Tnk-verhaal begonnen?

De stichting ANAK-Tnk werd in 1998 opgericht door een Franse jezuïet. Sedert 2011 staat zij onder leiding van pater Matthieu Dauchez, een Franse priester die in Manilla tot diaken werd benoemd.

De stichting biedt onderdak aan 400 straatkinderen die hun gezin zijn ontvlucht wegens geweld of misbruik, die werden achtergelaten of die hun ouders verloren hebben. Zij verblijven in verschillende opvanghuizen, waar zij in kleine groepen samenleven met opvoeders. Ze krijgen onderwijs, voedselhulp en medische begeleiding. Toch is hun grootste behoefte van een heel andere aard. Deze kinderen, die eerst een gezinsbreuk hebben meegemaakt en vervolgens de hel van het straatleven hebben gekend, met geweld, drugs en prostitutie, en die zichzelf vaak als waardeloos beschouwen, hebben vooral nood aan liefde en erkenning. Alleen zo kunnen zij zich herstellen en later zelf liefde geven. Daarin ligt de belangrijkste opdracht van de stichting: het herstellen van gebroken harten dankzij het werk van haar opvoeders, haar maatschappelijk werkers en haar psychologen, maar ook door spirituele begeleiding.

Waaruit bestonden uw dagelijkse bezigheden? Had u een vast werkschema?

Géraldine, gediplomeerd verpleegster in België, was de verantwoordelijk verpleegkundige in de sloppenwijken. Léopold, historicus van opleiding, was verantwoordelijk voor de voedselvoorziening van de stichting. Wij hadden dus goed gevulde werkdagen met een vrij duidelijk weekrooster. We woonden in ons eigen huis, waardoor we ook tijd voor onszelf als koppel hadden. ’s Avonds of in het weekend bezochten we de kinderen in de opvangcentra om tijd met hen door te brengen en met hen te spelen. Daarnaast namen we eenmaal per week deel aan nachtelijke straathoekwerktochten in Manilla om straatkinderen op te zoeken en met hen in contact te komen.

Welke ondersteuning kregen jullie ter plaatse?

Wij hadden het geluk dagelijks samen te werken met pater Matthieu Dauchez, wiens aanwezigheid bijzonder waardevol was. Daarnaast werden we ondersteund door een Frans echtpaar, Charles en Élise Cruse, die ervoor hebben gekozen hun leven te wijden aan straatkinderen. Om onze indrukken over de Filipijnen en het leven daar te delen, vormden we ook een hecht team met vier Franse vrijwilligers die, net als wij, het land met zijn vreugden en zijn uitdagingen ontdekten. Bovendien kregen wij opleiding en begeleiding van de Missions Étrangères de Paris, die ook vanop afstand een echte steun waren. En ten slotte werden wij door alle Filipijnse medewerkers van de stichting hartelijk ontvangen, waardoor wij er ons bijna thuis voelden.Dat alles heeft ons enorm gestimuleerd.

Dit vrijwilligersjaar heeft een diepe indruk op jullie nagelaten. Welke rol vervullen jullie vandaag in België?

Ja, dit vrijwilligersjaar heeft ons diep geraakt, in de eerste plaats omdat het ons kennis liet maken met de werkelijkheid van straatkinderen. Maar daarnaast gebeurde er nog iets anders. Terwijl wij dachten dat wij vooral onze tijd aan deze kinderen zouden geven, waren zij het die ons werkelijk iets hebben geschonken. Door hun voorbeeld hebben zij ons belangrijke levenslessen geleerd: vreugde, veerkracht, hoop, vergevingsgezindheid en vertrouwen. Uiteindelijk zijn zij de echte leermeesters; wij moeten bij hen in de leer gaan. Dat is vandaag ook onze taak als verantwoordelijken van ANAK-Tnk België: de inspirerende levenslessen van deze kinderen bekendmaken en delen met anderen.

Midden in een wereld die soms erg donker lijkt, wijzen straatkinderen ons de weg naar vreugde en hoop.

Wij danken gravin Emmanuel de Ribaucourt voor dit interview.


Foto's